meeschrijven met dzjoef

De pijnlijke spreidstand van de Gentse klimaatambities

0

Het Gentse klimaatbeleid schiet tekort in haar eigen ambities. Na een studie van de beschikbare statistieken is het tijd de kat de bel aan te binden, vindt Steven Desanghere. In plaats van binnen tien jaar pas tot de conclusie te komen dat ons klimaatplan blijkbaar toch niet zo duurzaam was. “Het ‘Klein Verzet’ van bezorgde burgers wordt steeds zichtbaarder. Ook in mijn ‘rebelse stad’ Gent.”

GENT KLIMAATSTAD?

Ik ben geboren in 1972, het jaar waarin de Club van Rome “Grenzen aan de Groei” uitbracht. Dit pamflet riep op om zo vlug mogelijk onze fixatie op economische groei te verlaten, willen we ons ecosysteem niet verder naar de knoppen helpen.

43 jaar ben ik intussen, en ik woon nu al een kwart eeuw in Gent, een provinciestadje mét zeehaven, van amper een kwart miljoen inwoners. Ook al is de lucht hier niet zo proper, en kent de stad ook behoorlijk wat armoede en miserie; toch heerst er over het algemeen een positief en tolerant klimaat. Burgers met ideeën krijgen er heel wat kansen, en de gemeenteraadsleden stralen over het algemeen sympathie en bereikbaarheid uit. Sociale en ecologische reflexen lijken op het eerste gezicht te overheersen.

De laatste jaren schoten te Gent tal van grassroots ‘transitie-initiatieven’ als paddenstoelen uit de grond, waar burgers en collectieven de handen in elkaar slaan en de weg tonen naar een fossielarme, aangenamer en rechtvaardiger samenleving. Fietskoeriers, stadslandbouw-initiatieven, repair-cafés, sociale restaurants, lokale munten, windenergie-coöperaties, korteketen-voedselprojecten, leefstraten, gratis soepbedeling, peer-to-peer experimenten, …. You name it, Gent heeft het!

En ook het lokale bestuur blijft niet achterwege. Er wordt wat geïnvesteerd in, en nog veel meer gecommuniceerd over, een lokaal mobiliteitsplan, vertramming en verfietsing, premies voor dakisolatie en elektrische bakfietsen; er komen stadsbossen, weggeefwinkels, moestuinprojecten, een ‘Food Council’, en niet te vergeten, de fameuze ‘resto-restjes’.

Daarenboven lanceerde het Gentse Stadsbestuur begin vorig jaar met veel tamtam haar nieuwe Klimaatplan (1). Ten opzichte van referentiejaar 2007 wil Gent binnen drie jaar (in 2019) twintig procent minder CO2 uitstoten. Tegen 2030 veertig procent minder, om tegen 2050 te eindigen met een Klimaatneutraal Gent.

Steden wereldwijd zijn immers verantwoordelijk voor tachtig procent van de CO2-uitstoot en van het energie-gebruik. Zij kunnen, in de woorden van burgemeester Termont zelve, dus een waarachtige hefboom zijn om de klimaatverandering een halt toe te roepen.
Tot zover het goede nieuws. Tijd nu voor een reality-check.

1235532_1021260427934576_5287480333922854869_n

DE ECHTE CIJFERS

Rechtstreekse en onrechtstreekse uitstootcijfers

Het is belangrijk om te weten dat het Gentse klimaatplan enkel rekening houdt met rechtstreekse, gemeten CO2-uitstootcijfers.

Ook de onrechtstreekse CO2-cijfers van de Gentenaars zijn behoorlijk groot: denk maar aan de vliegtuig- en andere reizen die Gentenaars maken, de klimaatimpact van de ontginning en verwerking van hun voedsel en consumptie-producten (van auto naar smartphone tot schoenen), de onrechtstreekse impact van de Gentse Zeehaven en alle transport naar en van de Haven, enz. Ook CO2-uitstoot door afvalverbranding en verbranding van biomassa (pellets, bomen, andere agrobrandstofgewassen) wordt nergens meegerekend, en blijft tot op heden onzichtbaar.

12821453_1021268957933723_3479624609015425927_n

Wat betreft de rechtstreeks gemeten CO2-cijfers maakt het klimaatplan onderscheid tussen twee categorieën: uitstoot van CO2 die wordt aangepakt binnen het Gentse Klimaatplan, en uitstoot die aangepakt zou moeten worden binnen het Europese Emissiehandelssysteem (ETS). De laatste categorie is goed voor zo’n 87 procent van de Gentse rechtstreekse CO2-uitstoot, en ongeveer iedereen is het erover eens dat het ETS-systeem tot op de dag van vandaag helemaal niet werkt. Meer zelfs: er is een lucratieve handel met ETS-certificaten, en waar gevraagd, springen regeringen bij om de vervuilende bedrijven extra te betalen voor hun vervuiling. (2)

 

Industrie valt buiten het Gentse Klimaatplan

Het Gentse Klimaatplan houdt zich dus slechts bezig met zo’n 13 procent van de rechtstreekse CO2-uitstoot, onderverdeeld in volgende sectoren: industrie (exclusief ETS), tertiare sector, huishoudens, landbouw, transport en openbare verlichting.

gentse-uitstoot-per-sector-excl-ets-page0001

In bovenstaande taart is industrie slechts verantwoordelijk voor 15 procent van de Gentse Klimaatuitstoot.
Bekijken we echter de totale Gentse rechtstreekse uitstoot, dus met de ETS-uitstoot meegerekend, dan wordt het een gans ander plaatje. Dan blijkt dat industriële uitstoot van CO2 te Gent verantwoordelijk is voor 89 procent van de totale Gentse uitstoot.

Van de 10.150 kiloton CO2 die de Gentse industrie in 2013 de lucht injaagde (3), valt slechts 2,2 procent onder het Gentse Klimaatplan. De overige 97,8 procent bestaat uit 22 bedrijven uit de Gentse Zeehaven, die vallen onder het Europese Emissiehandelssysteem ETS. En eerlijk is eerlijk: hoewel Gent bijzonder veel belastingen én waardevolle werkgelegenheid te danken heeft aan de Gentse Zeehaven, is de productie van goederen en diensten aldaar ook van bovenlokaal belang: ook de rest van de provincie en daarbuiten ‘profiteert’ mee van de havenbedrijvigheid (en de vervuiling).

Veel staal voor auto’s, of weinig staal voor windmolens?

Eén bedrijf springt hierbij uit het oog: staalfabriek Arcelor Mittal. Dit bedrijf uit de Gentse Zeehaven neemt immers momenteel meer dan drievierden (!) van de totale Gentse CO2-uitstoot voor haar rekening.

Wereldwijd is er een overproductie aan staal, maar dat weerhoudt er onze bewindvoerders, over alle politieke partijen heen, niet van om koppig vast te houden aan het behoud van deze CO2-kampioen. In 2016 krijgt de fabriek wellicht een milieuvergunning voor de volgende decennia, en het is duidelijk dat politci, noch de top van Arcelor Mittal Gent, enige uitstootvermindering ambiëren voor dit staalbedrijf. Als er één lokale denkoefening rond reconversie naar een koolstofarmere economie noodzakelijk is, dan is het ons inziens wel die rond de toekomst van Arcelor Mittal.

1009885_1021265891267363_806501940187718970_n

Wie is verantwoordelijk voor de Gentse Zeehaven?

We merken dat noch de Provincie Oost-Vlaanderen, noch het Vlaamse Gewest of Europa momenteel geïnteresseerd zijn in een verminderen van de reële CO2-uitstoot uit de Gentse Haven. De langeretermijn doelstellingen van het Gentse Havenbedrijf, die alle activiteiten in en rond de Gentse Zeehaven faciliteert, zijn duidelijk: een verankering en schaalvergroting van de bestaande industrieën (onder meer staal en ggo-soja), naast de ambitie van de uitbouw van één van Europa’s grootste agrobrandstof-industrieën, waarbij gewassen uit de ganse wereld (al dan niet genetisch gemanipuleerd) te Gent zouden worden omgezet in energie (4).

De recente geschiedenis leert ons dat dergelijke ‘bio’-industrie de laatste jaren steevast gepaard gaat met ontbossing, biodiversiteitsverlies, landroof en verdrijving van kleine boeren, en al helemaal geen klimaatwinst oplevert. Maar dit terzijde. En dan is er nog Dockland, een nieuwe havensite waar men de volgende jaren zoveel mogelijk petrochemische bedrijven (met ferme extra CO2-uitstoot) wil aantrekken naar Gent (5). Euh…

Wie trekt de stekker uit de lichtbak?

Onze bewindslieden zitten als konijnen voor de lichtbak van de economische groei. En da’s uiteraard niet alleen een lokale staat van ontkenning. Onze globale economie, gebaseerd op productie van overbodige en veel te vlug versleten consumptiegoederen, is uiterst onduurzaam naar mens, milieu en klimaat toe – dat weten we intussen allemaal. De huidige politieke partijen lijken de zekerheid van de huidige, op fossiele brandstoffen en oneindige groei gebaseerde economie voorlopig niet te durven vervangen door de uitdaging van een koolstofarmere economie, met minder verspilling, uitbuiting of vervuiling en met meer menselijke waardigheid en creativiteit.

Nochtans hoeven ze maar een (symbolisch) blik te werpen op de honderdduizenden bottom-uptransitie-initiatieven die overal in Europa ontstaan en wel degelijk een antwoord trachten te formuleren op het huidige economische model. Het ‘Klein Verzet’ van bezorgde burgers wordt steeds zichtbaarder. Ook in mijn ‘rebelse stad’ Gent.

De industriële CO2-uitstoot te Gent … stijgt

Terug naar de Gentse industrie-cijfers. Dat het Europese Emissiehandelssysteem te Gent voorlopig een maat voor niks is, wordt duidelijk uit onderstaande cijfers. Na de economische crisis van 2008-2009 zitten we qua uitstoot volgens de meest recente cijfers van 2014 weeral netjes op het pre-crisis-niveau van 2007. Althans voor de ETS-industrie van Gent, die dus 87 procent uitmaakt van de totale Gentse CO2-uitstoot.

ets-co2uitstoot-2007-2014-met-stats-page0001

Bekijken we de uitstoot van het brokje ‘lokale’ Gentse industrie, die dus niet onder ETS valt en wél onder het Gentse Klimaatplan, dan ziet ook daar het plaatje er niet bepaald rooskleurig uit. Daar zitten we volgens de laatste cijfers zelfs ferm boven de cijfers van referentiejaar 2007!

evolutie-niet-ets-industrie-gent-page0001

Stad Gent investeert jaarlijks heel wat geld in energie-coaching van deze bedrijven. De industriële energie-besparing van 2015 hiervoor was, zegge en schrijve, één kiloton. Zet die één kiloton ‘klimaatwinst’ tegenover de dertig kiloton ‘klimaatverlies’ tussen 2012 en 2013, dan wordt het wel duidelijk dat het huidige Gentse Klimaatplan bijwijlen dweilt met de kraan open.

Jaar na jaar stijgt de Gentse CO2-uitstoot

Ook in de andere sectoren (tertiaire sector, huishoudens, landbouw) binnen het Gentse Klimaatplan kleurt het plaatje behoorlijk somber. Na de crisis van enkele jaren geleden gaat de uitstoot sinds 2011, op het autoverkeer na, gestaag omhoog. Een aantal warmere winters (met minder verwarming die nodig is) kunnen hier voor iets tussenzitten, maar we vrezen het ergste.

1797580_1021274831266469_2941118426815379561_n

Biomassa als verdwijntruuk

Het streefdoel van 20% klimaatwinst tegen 2019, lijkt er niet meer in te zitten, tenzij men opteert voor één grote, en behoorlijk perverse, verdwijntruuk: de geplande bouw van biomassa-centrale van Belgian Eco Energy (BEE) in de Gentse Zeehaven (6). Dit energie-consortium wil, in samenwerking met de Franse energiereus Veolia en met steun van de Turteltaks (en dus de belastingbetaler), vanaf 2019 zo’n 215 MegaWatt zogenaamde ‘groene stroom’ per jaar produceren; het equivalent van het verbruik van 450,000 gezinnen.

Hiervoor zal jaarlijks zo’n één miljoen ton bomen en struiken uit Zuid-Afrika, Namibië en de Verenigde Staten worden aangevoerd en verbrand. Deze giga-uitstoot zal vervolgens NIET meegerekend worden in de klimaatstatistieken. En dus halen we op die manier tegen 2019 misschien toch nog onze tussentijdse klimaatcijfers….op papier tenminste.

Wie ziet de ironie hier? Terwijl stad Gent graag praat over stadslandbouw en korte ketens, en we binnen enkele jaren misschien wel één tientonner vol lokaal voedsel per maand kunnen produceren, wil de Haven dagelijks het equivalent van 30 tientonners vol gewassen van de andere kant van de wereld halen, om hier op te stoken. Olé!

1170809_1021272367933382_7094043480825552327_n

Veel in het venster, maar niks in de kamer.

Bovenstaande illustraties tonen niet per sé aan dat er geen goeie intenties binnen het Gentse stadsbestuur. De inspanningen getuigen van een bepaalde visie, maar blijven voorlopig echter vooral symbolisch, met veel ‘gerommel in de marge’. Aaibaar, maar niet effectief. Met enkele moestuinen, restorestjes en vrijblijvend energie-advies gaan we er niet geraken. Moeten we echt wachten tot 2022 om de cijfers van 2019 onder ogen te krijgen en dan pas te besluiten dat het Gentse klimaatplan 2013-2019 een maat voor niets was? Verspillen we dan geen kostbare jaren waarin we het roer misschien nog kunnen omgooien?

WE MOETEN EEN VERSNELLING HOGER, MAAR HOE?

Enkele constructieve voorstellen aan het adres van onze lokale en bovenlokale bewindvoerders en ambtenaren.

Ten eerste.

Ondersteun de duizenden burgers, kleine ondernemers en lokale collectieven in het wegwerken van de talloze drempels op de weg naar een transitie-economie. Fietskoeriers, korteketenrestaurants, kringloop-initiatieven, repair-cafés, stadslandbouwers, duurzame energie-coöperaties, geëngageerde schoolkoks, lokale munten, couchsurfing, enz… Zij tonen ons de weg naar een klimaatvriendelijker wereld en naar een economie op mensenmaat, waar er plaats is voor ieders behoeften, maar niet voor ieders hebzucht.

Er is heel dringend meer infrastructuur nodig, meer lappen grond, meer middelen, meer sensibilisering, meer politieke en administratieve ondersteuning en minder regelneverij. Op dit moment gaat het bij de ondersteuning van dergelijke initiatieven om kruimels, die in het niets verzinken tegenover het belastinggeld en administratieve regels ten voordele van de grote, kapitaalkrachtige, vervuilende bedrijven in onze samenleving.

De visie die spreekt vanuit het Gentse klimaatplan of vanuit bepaalde min of meer progressieve politieke partijen is bijlange niet slecht, maar voorlopig overduidelijk onvoldoende. De tijd dringt nochtans.

Ten tweede.

Put your money where your mouth is. De Gentse gemeenteraadsleden vervullen een sleutelrol in de besluitvorming van het Gents Havenbedrijf, een NV van publiek recht. Zij zijn immers de meerderheid in de Raad van Bestuur, en kunnen dit bedrijf ten allen tijde bijsturen naar een echt klimaatvriendelijker beleid, weg van de almacht van enkele grote bedrijven en lobbygroepen.

Wanneer de lokale Gentse partijen in het schepencollege ook hun collega’s op provinciaal en Vlaams niveau meekrijgen, dan kunnen we wel degelijk bijvoorbeeld Arcelor Mittal verplichten om veel minder uit te stoten. Dan houden we dat gedrocht van een biomassacentrale tegen, zeggen we neen tegen extra petrochemische bedrijven in het Havengebied, schrappen we de nieuwe shoppingcentra in The Loop met de duizenden extra auto’s per dag, en maken we eindelijk werk van écht hernieuwbare energie-bronnen, zoals wind-energie.

Anno 2016 is nog geen tien procent van de energie der Gentenaars energie door wind of zon, en dat is bijzonder spijtig. Steden als Kopenhagen of Hamburg kunnen ons hier alvast een stukje van de weg wijzen.

Ten derde.

Stop nu met het goochelen met lokale klimaatcijfers en met naïeve ‘wishful thinking’. Draai de Gentenaars die wakker liggen van de klimaatverandering geen rad voor de ogen en informeer hen duidelijk over wat het stadsbestuur wél en niet kan verwezenlijken. Vraag hun hulp en zoek samen naar oplossingen die méér zijn dan wat gerommel in de marge. Nagel de politici en belangengroepen die moedwillig de koolstofeconomie verder aanzwengelen aan de schandpaal, in plaats van je tevreden te stellen met achterkamercompromissen en ‘window dressing’ van het klimaatbeleid.

Klop jezelf niet op de borst met ondermaatse klimaatcijfers. Ondersteun directe actie en doorgedreven campagnes tegen de klimaatverandering. Toon dat Gent nog steeds een rebelse stad kan zijn die wel degelijk tegen de Vlaamse stroom in durft te zwemmen en haar belofte naar klimaatneutraliteit tegen 2050 echt waar wil maken. Het is niét de weg van de minste weerstand, maar de enige weg naar klimaatneutraliteit. En dat blijft toch onze ambitie, niet?

Ten vierde.

Het verder instandhouden van een vervuilend haven-model, heeft niet enkel een nefast effect op het globale klimaat. Het beïnvloedt ook ons lokale klimaat, en heeft dag na dag een impact op onze gezondheid. Een recent onderzoek (7) onthulde dat in 2012 in België alleen al er zo’n 11,000 mensen vroegtijdig zijn gestorven aan luchtvervuiling. En voor ieder mens die vroegtijdig sterft, is er een veelvoud aan mensen met tal van kwalen en beduidende vermindering van levenskwaliteit. En we weten intussen allemaal dat Gent op vlak van luchtvervuiling bijzonder slecht blijft scoren.

Of wat te zeggen over een recente gezondheidsmonitoring van de jongeren uit de Gentse Kanaalzone (8)? Zij krijgen onder meer heel wat meer fijnstof in de longen en PCB’s in het bloed te verduren, en krijgen vaker af te rekenen met luchtweginfecties, astma, allergieën, hoofdpijn en nierfalen. Daarenboven zijn velen onder hen ook behoorlijk ongerust over het effect van de schadelijke walmen die ze dag na dag inademen. Industriële jobs in het Gentse havengebied creëren welzijn en welvaart, maar hoeveel welzijn en welvaart gaan er verloren door de vervuiling? Dergelijke afwegingen maken we in de toekomst hopelijk wat meer (9).

Tenslotte.

Neem Arcelor Mittal als case-study, en zit samen met burgers, omwonenden, arbeiders, vakbond en bedrijven om voor de eerste keer echt grondig na te denken rond de transitie naar een groene economie. We hebben heel dringend een visie op economische reconversie en sociale en ecologische tewerkstelling nodig. Of Arcelor Mittal blijft de volgende decennia hier op volle toeren draaien, en dan wordt gelijk welk lokaal klimaatbeleid een maat voor niks. Of ze delokaliseren binnen enkele jaren naar China, en dan is het maar beter om tegen dan al een visie te hebben op toekomstig gebruik van de immense site en duurzamer en nuttiger tewerkstelling van al die hardwerkende staalarbeiders.

Voor de gezondheid van de Chinezen zou het trouwens sowieso beter zijn mochten we als wereldgemeenschap binnen een aantal jaren simpelweg heel wat minder staal produceren, en ons beperken tot het eindeloos recycleren van schroot om nieuw staal te maken. Is het echt naïef om de Gentse staalambities wat te temperen en te gaan voor een halvering van de giga-uitstoot van Arcelor?

Als we er als stad dan ook nog eens mee voor zorgen dat wonen in Gent wat minder duur wordt, dan kunnen we ons met wat kleinere loonbriefjes misschien ook wel tevreden stellen. Maar dat is een ander verhaal.

BESLUIT

Tienduizenden Gentse burgers staan te popelen om er verder in te vliegen. Ze werkten de afgelopen jaren hard aan hun eigen ecologische voetafdruk, en ontdekten gaandeweg, via tal van initiatieven, alleen of in groep, de geneugten van een behoeften-economie op mensenmaat.

Een rechtvaardiger en klimaatvriendelijker wereld lonkt aan de einder, en behoort nog steeds tot onze mogelijkheden. Maar dan moeten we nu komaf maken met oude politieke reflexen en praatjes voor de vaak. We moeten de mouwen opstropen en stoppen met blindelings geloven in een groen kapitalisme of wat simpele technofixen. Globaal denken, en lokaal handelen. Au boulot!

Steven Desanghere onderneemt alvast een eerste stap om zijn pleidooi in de praktijk te brengen. Ga via deze link naar het Kritische Klimaatkabinet van de auteur.

Noten:

(1) Het Gents Klimaatplan

(2) Een Knack-artikel over de tientallen miljoenen euro’s die staalgigant Arcelor Mittal binnenrijft via het Europese Emissiehandelsysteem – zonder haar uitstoot te hoeven verminderen.

(3) Ik extrapoleerde de cijfers uit a) het Gentse Klimaatplan, b) ongepubliceerde maar vrijgegeven cijfers op de Gentse milieucommissie van februari 2016, c) cijfers uit de CO2-monitoring Gent (pdf) en d) ETS-cijfers die vorig jaar een tijdje gepubliceerd stonden.

(4) Het strategisch plan 2010-2020 van het Havenbedrijf Gent

(5) Over Dockland, de nieuwe petrochemie-cluster die men wil aantrekken in de Gentse zeehaven

(6) Biomassacentrale BEE

(7) 11000 Belgen per jaar sterven vroegtijdig aan luchtvervuiling

(8) Recente gezondheidsmonitoring bij jongeren uit de Gentse Kanaalzone

(9) Een mogelijk meetmodel om gezondheidsdefecten door vervuiling af te wegen tegenover mogelijke baten, is de DALY-methode: Disability Adjusted Life Year

Deel dit artikel

Over de auteur

Dzjoef.be is de opvolger van de kritische stadskrant TiensTiens. De vijfkoppige hoofdredactie onderhoudt het webmagazine en laat zich ondersteunen door vrijwilligers die nu en dan hun inzichten publiceren. Bijdragen? Neem contact op: stadskrantdzjoef@gmail.com.

XSLT Plugin by BMI Calculator